Kritische troost (Zgn. pastorale meditatie uit Rond de Bethlehemkerk; maart 2007)
Onlangs stond er een indringende tekst op het rooster: ‘Gelukkig wie nu huilt, want je zult lachen’ (Lucas 6:21). Dat is een aangrijpende tekst als je vaak met tranen geconfronteerd wordt zonder dat er direct zicht is op lachen. Toch heeft Jezus het gezegd. Wat bedoelde hij er mee? Voor de ca achttienhonderd leden van onze gemeente die niet aanwezig waren in de dienst van 11 feb. j.l. bewerk ik mijn preek van toen tot een kortere overweging.
Waarschijnlijk heeft Jezus om zich heen genoeg tranen gezien. Om Jezus heen waren talloze armen, hongerenden en huilenden. Om hen bekommert Jezus zich allereerst: gelukkig jullie de arm zijt, gelukkig jullie die honger hebben, gelukkig wie nu huilt… Toch roepen die zaligsprekingen wel grote vragen op. Neemt Jezus je tranen wel voldoende serieus? Biedt hij je de hemel als een doekje voor het bloeden? Zo van: het is heus niet erg als je nu arm bent, hongerig of huilend, want je zult je beloning echt wel in de hemel krijgen. Wat voor een troost is dat? En wat bedoelt Jezus als hij even later zegt: ‘Wee jullie die nu lachen, want je zult treuren en huilen’. Een paar hoofdstukken verder vinden we een verhaal dat misschien wel de sleutel is. Het is het verhaal over de de rijke man en de arme Lazarus. De arme Lazarus is de bedelaar die bij de poort van de rijke man zit. Na zijn dood krijgt hij de troost van het hemelrijk. Maar de rijke man, hij die zijn leven lang niets voor Lazarus gedaan heeft, die komt in het dodenrijk terecht en wordt gekweld. De rijke man is daarmee een illustratie van wat Jezus in onze tekst zegt over huilen en lachen: ‘Wee jullie die nu lachen, want je zult treuren en huilen’. We zouden liever hebben dat deze tekst niet in de bijbel stond. We zouden ook liever hebben dat alles opgelost kan worden tijdens ons aardse leven zelf. Dat de armen en hongerigen nu al de ommekeer meemaken van genoeg voedsel hebben en een goed dak boven je hoofd. Maar wat als je je hele leven bedelaar bent geweest? Hoe denk je er dan over? Als we alles in dit leven opgelost moeten krijgen is er een goede kans dat de pochers, de bruten en de beulen voor immer het laatste woord krijgen. Jezus zelf denkt hier anders over. De rijke man is gewaarschuwd. Hij lacht nu, maar dit lachen zal hem eens vergaan. Maar was dit nodig geweest dat de rijke man hier terecht kwam? Beslist niet, hij had immers Mozes en de profeten! Daarmee wordt dit bedoeld: de rijken hadden het kunnen weten uit de Heilige Schrift. Dat Gods erbarmen allereerst uitgaat naar de armen, de wezen en de weduwen, de hongerenden, de huilenden, de geslagenen. Mozes en de profeten hadden dat ons, rijken, kunnen leren. We hebben geen verontschuldiging. Het is in de bijbel een godvergeten schande dat rijken zich niets aantrekken van de weduwe en de wees. Dat is in het eerste testament de lakmoesproef van de ware vroomheid.
Let wel: Jezus geeft in die moeilijke passage uit het Lucas-evangelie geen vrijbrief voor het voortbestaan van verdriet, honger en armoede. Jezus staat in de traditie van een Amos, een Jesaja. De felicitatie aan de armen, gepaard met de waarschuwing aan de rijken, houdt tezamen een boodschap in van radikale verandering. De rijken moeten stoppen met alleen maar voor zichzelf te leven. Ze moeten omkeren, hoe moeilijk dat ook is: ‘Het is gemakkelijker voor een kameel om door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke om het koninkrijk van God binnen te gaan.’ In de krant las ik: als de paar honderd rijkste mensen op deze aarde ca een twintigste van hun vermogen afstaan krijgt ieder kind hier op aarde eindelijk goed onderwijs. Waarom zijn we niet in staat dat te laten gebeuren? Waarom niet? Wat weerhoudt ons?
Jezus geeft troost aan de treurenden, en waarschuwingen aan de lachenden. Hij draait alles om. Wie nu huilt, zal straks lachen. Maar ook bij Jezus is dat niet alleen iets voor een hemelse heerlijkheid, zoals de arme Lazarus ten deel viel. Jezus laat in zijn optreden zien hoe de treurenden en de armen er nú al bij gehaald worden. Hij houdt maaltijd met hen die er niet bij horen. Hier op aarde geeft hij een voorafschaduwing van hoe het eigenlijk allemaal bedoeld is. Rijken en armen aan één tafel, delend met elkaar. Op het moment dat Jezus zegt: ‘Gelukkig wie nu huilt, want je zult lachen’, dan maken zijn woorden al een beetje waar wat hij zegt. Want hij mag het zeggen. Zijn woorden van het Koninkrijk zijn zelf al een beetje Koninkrijk, land van God. En hij uit het, praktisch en concreet. Ja, hij zal het zelfs zo voorleven dat hij zelf als gekruisigde tot de armen, hongerigen en huilenden zal gaan behoren. Dat is de messiaanse weg. Hij is zelf arm geworden opdat wij rijk zouden worden….. Dat is een groot geheim waar we in deze veertigdagentijd verder over willen nadenken. Misschien doet u mee aan de avonden van het geloofsverdiepingsproject. Ook daar zal dit geheim van verliezen en winnen ter sprake komen. Onze ‘rijkdom’ in Jezus, het perspectief van Pasen, mag ons samen moed geven om een messiaanse gemeente te zijn. Dat is een delende gemeente. Waar ook de tranen gedeeld worden. De messiaanse gemeente is de gemeente die het uit probeert te houden. Waar een weduwe of weduwnaar niet al na een jaar te horen krijgt dat je nu eens op moet houden met treuren, want het heeft nu wel lang genoeg geduurd. Mensen van de weg, dat zijn mensen die het uit proberen met elkaar. Die door de tranen heen het licht van Pasen durven zien en daarom bij elkaar blijven. Delend en brekend totdat Hij komt. ds. JDF van Halsema.
|
|
|
Vieringen
Schoolkerkdienst Voorganger: ds. Jetty Scheurwater Aanvang 10.00 uur Na afloop koffiedrinken in de wijkzaal |
|
|
Voorganger: ds. Erik van Halsema Aanvang 10.00 uur Avondmaalsviering Na afloop koffiedrinken in de wijkzaal |
|
|
|